Tip!

IJsemmer uitdaging

In de kroeg, deze week. De twee vrienden tegenover me schrokken er van hoe verontwaardigd ik was over de Ice Bucket Challenge (IBC). Ik zei dat ik er mijn ernstige bedenkingen bij had. Dat het fantastisch is dat er zoveel geld beschikbaar komt voor onderzoek, maar dat het eveneens ontzettend cynisch is.

Toen ik mijn bezwaren op facebook liet doorschemeren, kwam er veel kritiek. Die begrijp ik wel. Maar ze snijdt doorgaans weinig hout. Een chronologisch rijtje.

23 augustus

Op facebook zet ik het volgende:

Hoi we gaan vandaag allemaal de straat op met heel veel ijswater en flikkeren dat willekeurige voorbijgangers in het gezicht!! Belangrijk!! RT SVP!! We gaan het ook filmen en want of dat is dus goed. Voor de wereld, mense! #icebucketchallenge #geld #Mercedes #CLS

Okay, cynisch. Eerste reactie was van iemand die MS heeft en de IBC achterlijk noemt. Daarna iemand die zei: ja, maar de ernst van de ziekte wordt onder de aandacht gebracht en er wordt wel heel veel geld opgehaald. Ik antwoordde het volgende.

Zeker, maar kanker is ook heel erg. Je kan ook bang zijn voor maag-, lever- of darmaandoeningen. We hebben ook nog hartfalen en natuurlijk MS en psychische stoornissen. En de nierstichting kan ook wel een zetje gebruiken. Ik kan wel janken als ik denk aan de reuma die er in onze familie zit. En dementie, die vergeet ik nog. En vast nog wel honderdtachtig andere in meer of mindere mate erfelijke ziektes.
Alleen hebben de ziektestichtingen daarvan niet dat handige PR-bedrijf dat de ALS-stichting wel heeft.

Daaronder kwam de reactie ‘zuurpruim’ en die kreeg vijf likes. Dat is een jij-bak, maar hij doet het altijd goed. Bijvoorbeeld als conversationkiller.

27 augustus

In de Volkskrant verschijnt een opinie-artikel over de IBC, en ze zetten het ook online. De titel is ‘IJsdouche voor donateurs: er zijn nuttigere doelen dan ALS’. De kern van het verhaal: ‘Zo heeft geven voor de verspreiding van malarianetten zo’n 500 keer meer effect dan een donatie voor ALS-medicatie.’ Ik zet het artikel op facebook.

Reacties:
‘Poepen is 500 keer zo nuttig als schrijven voor de Volkskrant.’
‘Ah gut.. doet een goed doel een keertje iets slims is het weer niet goed..’
‘als je een baan hebt als onderzoeker aan een Universiteit, dan moet je natuurlijk wel af en toe wat pruttelen. Effectiever zou het zijn als haar salaris in muskietennetten zou worden omgezet.’

Dit was allemaal weer ad hominem (Latijn voor ‘NEE JIJ DAN MET JE …’). Geen inhoudelijke reactie. Tot…

28 augustus

Een vriend zet een artikel van VICE op mijn tijdlijn, met de titel ‘Stop asjeblieft met zeuren over de Ice Bucket Challenge‘. Het is een emotionele oproep van iemand die gediagnostiseerd is met ALS en blij is met het geld dat beschikbaar komt. Maar niet alleen dat, critici worden weggezet als volgt:

Bij elk feestje is er die ene vriend van een vriend die te dronken wordt en alles onderkotst en het feest verpest

Mijn reactie op facebook:

Dit artikel én de IBC is beledigend voor:
– iedereen die serieuze kritiek heeft op deze actie en dat zonder hyperbolen te berde probeert te brengen;
– iedereen die te maken heeft met een andere ernstige ziekte, al dan niet erfelijk, al dan niet zeldzaam, dan ALS;
– iedereen die in stilte geld overmaakt aan goede doelen, van welke aard dan ook.
En wie mij hierom ‘zuur’ noemt (of ‘die vriend van een vriend die op een feestje te dronken wordt en de boel onderkotst’), moet daar eerst maar eens over nadenken.

Eerst en belangrijkst: er is hier geen sprake van een level playing field in de discussie. De schrijfster heeft de ziekte. Dat is afschuwelijk, máár: dat geeft haar nog niet al het gelijk van de wereld. Het is een artikel vol hyperbolen en sentiment; inhoudelijk worden er nauwelijks steekhoudende argumenten gegeven waarom kritiek op de IBC onzinnig is. De meest inhoudelijke alinea:

Alle cynici die van mening zijn dat mensen in bescheidenheid moeten doneren en niet door middel van een filmpje op sociale media, kijken compleet voorbij de fundamentele realiteit dat de mensheid bestaat uit sociale dieren. We zoeken naar groepen waar we deel van kunnen uitmaken en dat groepsverband verbindt ons in dit geval met het goede doel. Doneren zonder emmers met ijswater boven onze hoofden leeg te gooienhaalt ons uit dat verband. Het gaat erom dat we ergens bij willen horen.

  • Ik ben niet cynisch over de IBC, ik vind de IBC cynisch. Dat is heel wat anders.
  • In bescheidenheid doneren of een filmpje er van maken op de sociale media is niet de kern van mijn kritiek. Maar als je het daar over wil hebben, zie het vierde puntje.
  • Voorbij kijken is een uitdrukking die niet klopt, het is voorbij gaan aan of over het hoofd kijken, over het hoofd zien is nog mooier.
  • De redenatie dat we alleen geld aan een goed doel willen geven omdat we ergens bij willen horen, is uit de lucht gegrepen. We kunnen ook een persoonlijke motivatie hebben. Het is bovendien een diskwalificatie voor de miljoenen die geven in anonimiteit, het hele jaar door, soms decennia achter elkaar. Duizenden stichtingen draaien daar op. Het is wél een verklaring voor hypes, hulpactietelevisieshows en memes. Maar niet voor de rest.
  • Verder staat er in het artikel dat ALS nooit enige aandacht heeft genoten; ook dat is niet waar. De actie ‘als u dit leest ben ik dood’ was niet alleen behoorlijk brutaal, maar heeft ook veel media-aandacht gekregen.

Het stoort me dat je in dit stuk als een soort uitsmijter te horen krijgt dat de schrijfster ALS heeft. Het is afschuwelijk voor haar, maar om dit als effect in te zetten? Waarom niet meteen genoemd? Het is geheel in de stijl van de IBC, namelijk effect. Het is bijna onmogelijk om hier kritiek op te hebben, omdat de schrijfster deze afschuwelijke ziekte zelf heeft.

Wat ik al zei: ik heb geen level playing field. Iemand anders wel:

https://www.facebook.com/video.php?v=704040959685809

Een parabel, ten slotte

Beats is een bedrijf dat koptelefoons maakt; je kent ze als ‘Beats by Dr. Dre’. Het zijn goede koptelefoons. Ze geven wel relatief veel bastonen door, maar dat is een kwestie van smaak. Je zou hopen dat de geïnteresseerden ook wat andere koptelefoons op hun hoofd zouden zetten voor ze tot aanschaf over gaan, maar het geluid is niet de enige afweging. Ze zien er fantastisch uit en ze zijn ook heel erg populair. Kritiekpuntje: ze zijn ook ongelooflijk duur. Voor het geld van een Beats kan je ook een koptelefoon kopen die zestig keer beter uit tests komt. En je geeft maar een keer zoveel geld uit aan een koptelefoon.

De IBC is superpopulair. ALS is zo langzamerhand bij iedereen bekend, al zal ook die kennis oppervlakkig zijn. Het over je hoofd gieten van ijswater implanteert die kennis namelijk niet automatisch. Je zou hopen dat geïnteresseerden ook wat andere informatie over gezondheidszorg in hun hoofd zouden zetten voor ze tot de IBC overgaan, maar informatie is niet de enige afweging. Een IBC ziet er fantastisch uit en het is ook heel erg populair. Kritiekpuntje: je geld kan beter worden besteed. Een euro kan 500 keer zoveel doen bij een ander goed doel. En je geeft maar een keer dat geld uit.

Mijn punt is dus dat ALS een afschuwelijke ziekte is, maar dat het niet de enige afschuwelijke ziekte is. Het cynische aan de Ice Bucket Challenge is dat de bekendheid van de ziekte op een heel oppervlakkig niveau blijft, bijvoorbeeld hoe het met deze ziekte, de wereldwijde impact en het onderzoek er naar gesteld is in verhouding tot andere ziektes in de wereld. Er is een extreem handige PR-tool (de geschiedenis van de IBC is fascinerend) gevonden/ ontstaan, waar de ALS-stichting erg goed in is. Vergeet de ‘als je dit leest ben ik dood’-campagne niet.

De tijd die men besteedt aan het maken van zo’n filmpje zou in mijn ogen veel beter kunnen worden besteed door zich in brede zin eens te verdiepen in ziekten, gezondheidszorg en de farmaceutische industrie. Over cynisme gesproken. En daarna ook iets doen, ajb.

Ik las een ingezonden brief en schrok me wezenloos

 Een brief in de Volkskrant! Over televisie. Dat wordt leuk. Ik loop ‘m even met je door.

Schermafbeelding 2014-08-18 om 10.27.27

We beginnen bij zin 1. Er ontbreekt een onderwerp, omdat de schrijver zijn brief niet met IK wil beginnen. Dat zou zeer onfatsoenlijk zijn. Maar de brief begint feitelijk dus met IK.

Schermafbeelding 2014-08-18 om 10.30.59

Fred is erg belangrijk, al wordt niet uitgelegd wat die statuur nu precies is. We willen wel eens weten wat deze Fred nu exact heeft uitgespookt bij deze reus van een Amerikaanse beurscompany (bedrijf, red). Waar investeerden ze bijvoorbeeld zoal in. We hopen toch niet dat het platte of primitieve zaken zijn geweest, waar deze Fred zijn geld mee heeft verdiend.

Wel weten we dat hij een gewone gezonde Hollandse jongen is, en dat is wezenlijk, want zo weten we dat hij niet zeer onfatsoenlijk is.

Schermafbeelding 2014-08-18 om 10.34.37Schermafbeelding 2014-08-18 om 10.34.53

De briefschrijver weet hoe je stijlvol een geeuw kan onderdrukken. Dat is een zeer fatsoenlijke manier om uit te drukken dat je precies weet waar het over gaat, maar wil laten zien dat het beneden je stand is. Maar let zo meteen maar eens op.

Of, wacht even. Zit hij hier nu een beledigende opmerking over Aboriginals te maken? Is dat niet zeer onfatsoenlijk?

Schermafbeelding 2014-08-18 om 10.41.18

Bedenken is hier niet wederkerig, tenzij je op een eerder ingenomen standpunt terug komt. Dat zou in dit geval betekenen dat Aboriginals onbeschaafd zijn, of “nee, wacht even!” dat er sprake is van een onbewuste glijdende schaal aangaande gewenning aangaande hufterigheid. Dat gaat niet, dus is het niet wederkerig.

Glijdende schalen worden overigens gekenmerkt door ‘onbewust’, dus hier zien we een contaminatie.

Schermafbeelding 2014-08-18 om 10.49.38

Ignorantie is een archaïsch woord, maar zo weten we in ieder geval dat de schrijver een rijke woordenschat heeft. Mensen met een rijke woordenschat kunnen onmogelijk televisiekijken. Al kan het ook zijn dat hij graag een woord als dit gebruikt om de neiging naar anglicismen stijlvol te onderdrukken.

Schermafbeelding 2014-08-18 om 10.52.40

(Spiegel van beschaving, red.)

Kostelijk, nu krijgen we waarschijnlijk een opsomming van alle mogelijke vuige titels van hedendaagse televisieprogramma’s: ik hoop dat hij die middag de proef op de som nam, een televisiegids kocht en zich wezenloos schrok!

Schermafbeelding 2014-08-18 om 10.55.32

Zeer onfatsoenlijk, is dat hier op televisie?! Maar wacht even… waarom moest je daarvoor een televisiegids kopen? Dit staat namelijk dagelijks achter in de Volkskrant, de krant waar je deze brief naar toe stuurde. Of wil je onderstrepen dat je deze televisieprogramma’s nog nooit hebt gezien, door nadrukkelijk te vermelden dat je een televisiegids moest kopen om er achter te komen wat voor programma’s hier eigenlijk op de buis zijn?

Schermafbeelding 2014-08-18 om 11.00.32

Arme Fred. Gelukkig ziet onze briefschrijver dit NOOIT, hij had er een oude Australische vriend met een indrukwekkende carrière die een gewone gezonde Hollandse jongen was gebleven voor nodig om hem dit te laten zien. We zien het ook aan het platvloers noemen van Paul van Leeuw. Waarschijnlijk is dat Paul DE Leeuw. De naam van een TV-persoonlijkheid verhaspelen is een uitstekende manier om heel erg te laten zien dat je dus nooit TV kijkt. Die platvloers noemen is overigens iets van voor de emigratie van Fred naar Australië.

Ik ben trouwens ook tegen diffuus gefriemel aan geslachtsdelen. Ik heb dat liever gewoon scherp en goed uitgelicht in beeld, dus daar heeft de schrijver gewoon een punt.

Schermafbeelding 2014-08-18 om 11.04.22

Switchen is een Engels woord voor schakelen. Voor iemand met nogal wat statuur en zonder hoogmoedige of elitaire denkbeelden is Fred wel wat hulpeloos met afstandsbedieningen.

Schermafbeelding 2014-08-18 om 11.06.25

Met gezwinde spoed terug naar het continent waar Groot Britannië ooit zijn schurken naar toe stuurde, dat nu garen spint bij de Russische boycot op Europees groente, fruit en zuivel, en waar homo’s niet kunnen trouwen! Althans, niet met elkaar.

Maar waar SOWIESO dit soort schunnigheid nooit never niet op de telemevisie is te zien! Jammer dat Fred nu wel de Nederlandse wiskundige heeft gemist, die in Zomergasten drie uur lang een prachtig verhaal vertelde. Prime time on Dutch TV.

Schermafbeelding 2014-08-18 om 11.13.19

Precies! DOEI! Of. Maar. Je keek toch niet? En nu wel? Of is het hoogmoedig of elitair om geen TV te kijken?

Alle stellingen volgen uit de aanname dat media de spiegel van beschaving zijn, waar ik nog wel wat tegenin kan brengen. Zeker als je alleen TV als media ziet, en al helemaal als je alleen commerciële TV als media ziet. Die zijn gewoon geld aan het verdienen. Daar weet jouw gezonde Hollandse vriend die bij die ‘reus van een Amerikaanse beurscompany’ werkte alles van.

Wat is nu zeer onfatsoenlijk: TV kijken of hoogmoedige en elitaire brieven schrijven in de Volkskrant?

Boyhood

Als Mason een jaar of acht is, zien we hem achter een schuurtje zitten. In de schaduw, op de modder, voorovergebogen. Elk jongetje van acht doet dat. Dan zien we waar hij naar kijkt: het karkas van een dood vogeltje. Mason zegt niks. Doet niks. Hij kijkt alleen. Wat mij betreft is dit een van de belangrijkste scenes uit de briljante semi-documentaire film ‘Boyhood’.

Hieronder ga ik het nodige over de film verklappen. Weet dat, als je van plan bent deze film te gaan zien. Als je twijfelt, niet wil of ‘m al hebt gezien, lees dan sowieso verder.

Net echt
Ik was zo’n jongetje als Mason, zoals nagenoeg elke man op aarde zo’n jongetje is geweest. Ellar Coltrane (1994), die Mason gestalte geeft, is gefilmd tussen zijn zesde en zijn achttiende. De jongensjaren. Mason heeft een zusje, waar hij voortdurend ruzie mee heeft, en een moeder die steeds voor foute mannen valt. We beleven twee echtscheidingen met huislijk geweld en drankmisbruik, vanuit het perspectief van een kind.

Maar deze gebeurtenissen komen voorbij zoals ook het bladeren door de lingeriepagina’s van een postordercatalogus voorbij komt, of het mountainbiken met een vriendje, of een kampeerscène, of een autorit met vrienden, of een eerste joint. Als gebeurtenis, maar zonder de gecomprimeerde dramatische uitwerking die je doorgaans in film of theater ziet. Net echt.

Herkenbaar
De eerste twee uur van deze film (hij duurt bijna drie uur) is feitelijk een aaneenschakeling van losse scènes. Er is niet veel filmisch drama. Als Mason zijn rijbewijs heeft, waarschuwt zijn vader om heel voorzichtig te rijden. Een half uur verderop in de film rijdt Mason met een vriendinnetje in zijn auto. Zij laat op haar mobieltje een plaatje van een varkentje zien. Geconditioneerd als dramakijker, verwacht ik dat hij nu dus dat verschrikkelijke auto-ongeluk zal krijgen. Mooi niet.

Maar veel meer dan drama is er herkenbaarheid. Zo observerend en registrerend als Mason is, zo was ik ook. Zo is elk kind; ik zie het bij mijn jonge neefje en nichtjes. Alles wordt onthouden. Als Masons vader z’n musclecar blijkt te hebben verkocht, zegt Mason “Je had ‘m mij beloofd voor mijn zestiende verjaardag”. Mason was tien toen vader dat had gezegd. Ze onthouden alles. Van dronken stiefvaders tot dode vogeltjes.

Vragen
Mason blijft relatief stil. Maar na twee uur, als Mason vijftien of zestien is, wordt hij een karakter. Zoals jonge mensen dat worden na hun pubertijd. Mason blijkt een goed oog voor fotografie te hebben. Hij begint ruzies te krijgen met z’n docenten en bazen, en wordt opstandig. Dat uit zich in de film in conversaties met een vriendinnetje. Ze vindt hem een zwartkijker en maakt het uit. Maar Mason is geen zwartkijker, hij begint vragen te stellen. Hij begint aan de ‘werkelijkheid’ te pulken. Wat in een film slim en geestig is, uit de aard van de zaak, en in dit geval al helemaal. Het is immers een semi-documentaire.

Mason zit in de auto en vertelt zijn vriendinnetje hoe de maatschappelijke systemen ons in hun greep hebben en zegt cynisch dat het een groot complot is. “You are weird”, zegt ze glimlachend. Oh, hoe vaak heb ik dat gehoord.

Zin van het leven
Waar gaat het allemaal over, vraagt Mason op zijn achttiende, vlak voordat hij gaat studeren. Hij stelt deze vraag letterlijk, aan zijn biologische vader, vroeger een flierefluiter, inmiddels gesettled en aan een tweede leg begonnen.

“Alles?”, vraagt z’n vader met een zenuwachtig lachje. Even daarna zien we Masons moeder, die kleiner gaat wonen nu haar kinderen het huis uit zijn. Ze heeft de kinderen groot gebracht en er alles aan gedaan om dat goed te doen. Bij het uitruimen van het huis moet ze huilen: “Ik dacht dat er meer zou zijn.”

“Het eerst volgende is mijn begrafenis”, zegt de moeder. Mason antwoord dat ze nu misschien zo’n veertig jaar overslaat. En weer is het drama ontladen; wanneer hoor je in een film nu iemand zoiets nuchters zeggen? Net echt.

Gedenk te sterven
‘Boyhood’ is wat dat betreft de viering van het leven (er wordt ook letterlijk veel gevierd). Alles is graffiti spuiten, alles is mountainbiken, je zusje pesten, flirten, het verstrijken van tijd, een zonsondergang, een autorit, zwemmen in open water, een baan als afwasser, een vriend, een foto, school, een versleten spijkerbroek, een gitaar, een moeder, kijken naar een dood vogeltje. Dat is alles.

Dan de slotscene. Mason gaat studeren en heeft net een medestudente ontmoet. Ze zitten bij een riviertje, bij een zonsondergang. Zij: “Sommigen zeggen dat je in het leven het moment moet pakken. Ik denk dat het andersom is”.

Het is een grappige dubbelzinnige omkering. Het gaat over de film, waaraan regisseur en schrijver Richard Linklater twaalf jaar heeft gewerkt. Niet bepaald ‘een moment’. Het gaat over Masons existentiële kwestie, want zulke ‘momenten’ zouden een antwoord kunnen vormen op de vraag waar het allemaal over gaat.

Maar de dwaasheid van een idee over de zin van het leven is iets wat ze weglachen. Ze zeggen het niet. Mason zwijgt weer. Net als zijn foto’s. Net als toen hij een dood vogeltje bekeek, in een proces van ontbinden tot stof. Memento mori.

Grootste eenheid
Er is geen groter iets, er is niet ‘meer’. Dit, het leven op deze aarde, het verstrijken van tijd, het moment dat een menselijk leven is, is de grootste eenheid in het echte leven. Niet de dramatische constructies van religie, kunst of idealen. En het is goed.

Nooit eerder zo krachtig verteld als in ‘Boyhood’.

Hier kan ik zo boos van worden

Vandaag in de Volkskrant: ‘Zuinige’ hybrides zijn eigenlijk zuipschuiten.

slurpDe als energiezuinig aangeprezen hybride-auto’s zijn in de praktijk vaak enorme zuipschuiten. Alle auto’s verbruiken meer brandstof dan de fabrieksnorm aangeeft, maar bij half-elektrische auto’s is die normoverschrijding groter dan gemiddeld, blijkt uit een onderzoek van TNO.

Het ergst is de Mitshubishi Outlander PHEV:

Bijna 40 duizend euro [subsidie, BJ] kon een ondernemer ‘verdienen’ aan de Outlander, hoewel de auto maar 30 kilometer op elektriciteit kan rijden voordat hij overschakelt op benzine. […] Deze nogal fors uitgevallen SUV alleen al heeft de schatkist 250 miljoen euro aan subsidies gekost

Outlander PHEVAnd counting, want voor zo’n Outlander hoef je geen wegenbelasting te betalen. 1.885 kilo auto en NUL euro wegenbelasting; je trekt er voren mee in het asfalt, maar je rijdt gratis.

Ter vergelijking. Ik rijd in een BMW 320d, een diesel van ongeveer 1.400 kilo. Daar betaal ik elke maand 130 euro voor. Dat is op jaarbasis 1.560 euro. En het verbruik? Lager dan een Outlander.

5,6 liter per 100 kilometer, zegt mijn boordcomputer. Okay, diesel, maar toch.

Het laffe Milieudefensie reageert met ‘Mensen die uit milieu-overweging kiezen voor een hybride hebben een andere rijstijl’. Wel, beste ‘Milieudefensie’, en prutsambtenaren en -politici in Den Haag. Zullen we in het vervolg dan asjeblieft rijstijl gaan subsidiëren in plaats van 1885 kilo SUV?

En haal die subsidie op de ‘PHEV’ terug, en geef ‘m de wegenbelasting die hij verdient? Vandaag nog?

UPDATE: Milieudefensie vindt dat ze hopeloos zijn geciteerd. De medewerker ‘verkeer’ twittert: ‘We moeten wat Milieudefensie betreft naar feitelijk verbruik en emissie belasten. Zonder trucjes.’ Op mijn vraag of de subsidie van de Outlander af moet, zegt Milieudefensie ja.

Bijna 10 miljoen NL’ers interesseert het geen fluit

Dat was mijn twitterreactie op het (voorspelbare) NOS-bericht dat er 7,2 miljoen sportkijkers waren tijdens de WK-voetbalwedstrijd Nederland-Spanje gisteravond. Dat waren de mensen die thuis keken, en er werd ook massaal op pleinen, in zalen en in cafés gekeken, dus wat ik zeg klopt niet. Echter.

Ik hou niet zo van voetbal. Het spelletje interesseert me niet, ik ken geen ‘oranjegevoel’, ik begrijp niets van de gigantische hoeveelheid geld die er in om gaat en erger me aan de ruimte die dat spelletje inneemt in de media.

Heel uitzonderlijk is het niet. Maar er is weinig begrip voor; sterker nog, ik word er regelmatig op aangevallen. Soit, kan ik hebben, maar een béétje raar is dat natuurlijk wel.

kwart
Want stel, we nemen het ruim, dat er 3 miljoen mensen zijn geweest die op pleinen, in zalen en in cafés hebben gekeken. En dat er ukkies en zieken onder de rest zitten, die het toch niet mee krijgen. Dan denk ik dat nog steeds een kwart van de bevolking de wedstrijd bewust niet heeft gezien. Dat is toch vrij substantieel.

Wat is het probleem met voetbal, de oranjekoorts en het WK?

in or out
‘That’s the rule[s] that I’ve just made up,’ zo vat Eddie Izzard kolonialisme zo ongeveer samen. Zo kan je voetbal ook zien: iemand bedenkt een spelletje, met regeltjes, en zo werkt het dan, omdat het zo werkt. Dit geldt trouwens voor zo ongeveer de hele maatschappij, maar als het nergens over gaat is het belachelijk. Sorry, ik weet echt niets te bedenken waar voetbal over gaat. Bij echt drama worden spelregels gebroken. Oorlog. Liefde. Dood. Maar niet bij 7140 vierkante meter gras.

Om en nabij 7140. Want er is geen standaardafmeting voor een voetbalveld. Serieus. Google het. Met je regeltjes.

Ik vind spelletjes leuk, maar dat verandert als het allemaal net wat te serieus wordt.  In casu, het openbare leven plat legt, de media overneemt en een sfeer van ‘either you’re with us or you’re against us’ ontstaat.

Want laat helder zijn: als je iets doet zoals ik nu, dit opschrijven, dan begint er meteen een groepsproces van uitsluiting te ontstaan. De in oranje getooiden smijten blikken en tweets van onbegrip en afkeuring in je richting – geloof me, ik weet waar ik het over heb. Je wordt uitgestoten en gezien als een verrader. Want niets is zo bedreigend als wanneer er iemand niet mee wil doen met het spelletje.

oorlog en vrede
Is het dan elitair? Beetje sneuig sjiek zitten doen over dat ‘low brow’ gedoe? Met je VPRO en je Amsterdam 1018?

Als ik gisteravond ‘Oorlog en Vrede’ had verslonden, ja, wellicht. Maar wat ik werkelijk tijdens de wedstrijd deed was GTA5 spelen. Oh, ik heb ook nog wat filmpjes van ‘autoblog‘ op Youtube bekeken en zat wat door Grindr heen te scrollen. Weinig verheffend.

Maar wat ik niet heb gedaan is tot half vijf vannacht in een oranje-versierde binnentuin lallen, muziek draaien en bierdrinken. En daarmee een heel woonblok uit de slaap houden. Want dat was wel wat asociaal geweest natuurlijk…

“Ach jij wil alleen maar cultuur, subsidievreter.” Come again?

En ik haat de VIVA FIFA.
Dat wordt door John Oliver, die overigens wel van voetbal houdt, grappig uitgelegd in zijn filmpje over ‘The Sausage principle’:

Dus dat is allemaal extreem verwerpelijk en daar moet je niets mee te maken willen hebben. Stelletje criminelen, corrupte bende, heulers met het kwaad…

Alleen zijn drie van mijn grote muziekhelden respectievelijk vijftig jaar in de gaten gehouden door de FBI, om de haverklap gearresteerd wegens huislijk geweld of in hechtenis genomen wegens drugsbezit. Draai ik hun muziek dan niet meer?

Nee. Maar.
Ik moet bij mijn reportages voor Radio 1 ‘uitpuntjes’ aangeven; in mijn stukjes audio van 12 minuten moeten twee of drie momenten zitten waar ‘de sport’ tussendoor even kan vertellen dat er is gescoord in de wedstrijd Honduras – Ecuador. Het gaat me niet om het werk, publieke omroep, at your service, maar om iets anders.

Straks, volgende week dus, maak ik reportages van voorstellingen op Oerol. Daar luisteren straks mensen naar die eigenlijk dat niet willen horen. Maar die zijn een voetbalwedstrijd aan het volgen. Ik moet ondertussen serieus iets vertellen over Tourette’s Impulsive Corps Symphony, geïnspireerd op verhalen van Oliver Sacks en persoonlijke ervaringen van theatermaker Klemens Patijn, terwijl ik me eigenlijk ook rekenschap zou moeten geven van de goede Radio 1 luisteraar die die wedstrijd wil volgen.

Dat is een onmogelijke spagaat.

Vreedzame coëxistentie
Het liefst koos ik er voor om dan op een tweede kanaal te gaan zitten, zoals Met Het Oog Op Morgen doet.

Zoals ik persoonlijk ook graag op een spreekwoordelijk tweede kanaal zou willen zitten. Een kanaal waar geen binnentuinfeesten zijn, waar die kleur die nergens bij staat niet domineert en waar ik een normale krant kan lezen. Waarin ik me niet koest moet houden met mijn milde maatschappijkritiek, om verwarde en afkeurende blikken te voorkomen.

Net als bijna tien miljoen andere Nederlanders.

Holocaustmonument Wertheimpark

Er komt zo goed als zeker een nieuw holocaustmonument in Amsterdam, in het Wertheimpark. Daar ligt nu nog alleen het Spiegel-monument “Nooit meer Auschwitz”, van Jan Wolkers.

NOS

Het Wertheimpark is bij mij om de hoek. Het is een klein, maar erg fijn parkje. Het was me eerlijk gezegd ontgaan, maar gisteravond in het NOS Journaal hoorde ik van de plannen met dit park. Een derde er van moet wijken voor een nieuw holocaustmonument.

Een gigantisch bouwwerk van hoge zwarte muren wordt er in gezet, ontworpen door de maker van het holocaustmonument in Berlijn. Op de muren komen 102.000 namen van Nederlandse Joodse slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog.

Drie dingen storen mij hier aan.
1. Jacques Grishaver van het Auschwitz Comité zegt in het journaal dat het Auschwitz-monument van Jan Wolkers, dat nu in het park staat, abstract is. Mijns inziens laten de woorden ‘NOOIT MEER AUSCHWITZ’ weinig ruimte voor abstractie. Ze zijn in ieder geval niet abstracter dan een haarspeldbochtmurendoolhof met 102.000 namen er op.
2. Op de site van het initiatief, die vooral is ingericht om geld binnen te halen, staat ‘Er is in Nederland geen monument met de namen van alle Nederlandse slachtoffers van de holocaust’. Mijns inziens is dat een kwestie van perspectief. Want honderd meter bij het Wertheimpark vandaan staat de Hollandse Schouwburg. Daar is een namenwand. Tamelijk indrukwekkend, kan ik uit eigen ervaring vertellen. Het is niet een plek waar je onbestemde selfies gaat maken, zoals dat bijvoorbeeld in Berlijn wel voortdurend gebeurt. Het is een muur met familienamen, 6.700 om precies te zijn. Daarnaast heeft de Hollandse Schouwburg een uitstekende expositie over de holocaust in Amsterdam en bovendien een digitaal monument, met alle namen van holocaustslachtoffers. Dat zijn er bij de Hollandse Schouwburg overigens 104.000.

Dat alles bij elkaar maakt het in mijn ogen een beetje onzinnig om zo’n bombastisch monument neer te zetten. De holocaust was niet bombastisch. Die was een geniepige, huiveringwekkende sluipmoordenaar, weet ik van de expositie in de Hollandse Schouwburg.

En zo kom ik bij het derde dat mij hier aan stoort. Als je het met een AUSCHWITZ COMITÉ en een officiële ARCHITECT en een item op het NOS JOURNAAL brengt, dan ram je zoiets in het schuldbewuste Amsterdam er zo doorheen. Ik vermoed dat de controverse die bestaat over het holocaustmonument in Berlijn niet erg is doorgedrongen tot de beslissers. En als dat wel zo is, dan durven ze er uit angst om voor nazi of anti-semiet versleten te worden waarschijnlijk niet naar te handelen.

Terwijl, het is altijd uitkijken met monumenten. Volgens mij heeft Wolkers het aardig begrepen, en kan je dat het beste zo laten. Geef dat geld asjeblieft aan de Hollandse Schouwburg.

UPDATE: Schimmig besluit rond omstreden Auschwitzmonument (Het Parool)