Goedkope Tickets – vertaalde column voor Omrop Fryslân Radio

Op de website cheaptickets.nl staat een weblog, met de titel ‘Bestemmingen die er niet lang meer zullen zijn…‘, geschreven door ene Shannen. Shannen zegt dat ze graag op stedentrip gaat, maar dat ze pas echt gelukkig is wanneer ze haar trouwe backpack weer op haar rug dragen mag. Op haar bucketlist staan IJsland, Nieuw Zeeland en Costa Rica bovenaan. Ze heeft nog aardig wat vliegkilometers voor de boeg.

Cheaptickets is een bedrijf waar je goedkope vliegtickets kan kopen. En ze zetten nu eens netjes op een rijtje welke plakken op deze aardbol aan het verdwijnen zijn, door het opwarmen van de aarde en andere menselijke invloeden. Nu is het geen groot geheim dat vliegtuigen een belangrijk aandeel hebben in de uitstoot van CO2, en daarmee aan het opwarmen van de aarde. Dus dat een vliegticketbedrijf nu vliegbestemmingen opsomt die kapot gaan door het vliegen, is echt wel een nieuw dieptepunt van kapitalisme, hypocrisie en domheid.

De plaatsen waar ze het over heeft – pardon: ‘bestemmingen’ – zijn bijvoorbeeld de Dode Zee: een laag meer waarvan de waterstand elk jaar een meter lager wordt. 3385 kilometer vliegen. De Maladiven, een groep eilandjes die maar amper boven zeeniveau liggen, en dus gauw verdwijnen wanneer de zeespiegel stijgt. 8280 kilometer vliegen. Gletsjers in Chili en Argentinië, die door het opwarmen van de aarde afbrokkelen. 13.160 kilometer vliegen. Madagaskar, waar de rijke flora en fauna bedreigd wordt door ontbossing en andere milieu-ellende. 8900 kilometer vliegen. The Great Barrier Reef, het enorme koraalrif dat massaal aan het afsterven is. 15.060 kilometer vliegen.

De teksten bij de ‘bestemmingen’ beschrijven wat er aan de hand is daar. Maar met geen woord gaat het over de schadelijke gevolgen van al dat gevlieg naar en toerisme op deze bestemmingen. Ja, er is een link naar GreenSeat, waar je de CO2-uitstoot kan compenseren. Maar laten we even reëel zijn. Wie gaat er naar een website die ‘goedkope tickets’ heet, om daar dus goedkope tickets te scoren, om daarna naar GreenSeat te gaan om meer geld uit te geven aan deze tickets.

Stel dat je naar die gletsjer in Argentinië wil. Volgens GreenSeat stoot je daarmee 2170 kilo CO2. Ze bieden compensatie daarvoor aan voor €21,66, wat mij bespottelijk lijkt. Want wat is 2170 kilo CO2?

Volgens de Wereldbank stoten we in Nederland per persoon gemiddeld een kleine 10 ton CO2 per jaar uit. Een zo’n reis staat dus gelijk aan bijna een kwart jaar aan CO2-uitstoot. Als je naar The Great Barrier Reef vliegt, de verste bestemming uit het lijstje van Shannon van Cheaptickets, dan is de CO2-uitstoot bijna 5 ton. Dus wanneer je met z’n tweeën daar naar toe gaat, zorgt dat voor evenveel CO2-uitstoot als 1 persoon in Nederland in een heel jaar veroorzaakt.

Nog even over GreenSeat. Die stellen op hun website dat ze zorgen dat elke ton CO2-uitstoot door een vliegruis wordt gecompenseerd. Door bijvoorbeeld een biovergister voor een huishouding in Cambodja neer te zetten. De wereldbank weet dat de CO2-uitstoot per persoon per jaar in Cambodja 0,4 ton is. Dus voor een reis van Shannen naar The Great Barrier Reef, moet in Cambodja twaalf jaar lang een biovergister draaien. Het is te hopen dat Shannen in die twaalf jaar niet nog eens een vliegreis maakt; want ze stikken daar in Cambodja nog in de biovergisters.

Shannen sluit haar blog af met: ‘Het is niet alleen kommer en kwel in de wereld. Er zijn veel dingen die je zelf kunt doen om je steentje bijdragen aan het verbeteren van de aarde. Voor veel bestemming kan je niet anders dan met het vliegtuig op vakantie, dat is niet te vermijden.’

Dus wat Shannen eigenlijk zegt is: we vliegen de aarde met z’n allen naar de kloten, dat is niet te vermijden. Mooie plekken op de wereld zijn niet zomaar meer mooie plekken, nee, dat zijn bestemmingen, dat is niet te vermijden. En we kunnen wel iets bijdragen aan het behoud van door klimaatverandering bedreigde plekken, maar Shannen wil er eerst nog wel even naar toe, dat is niet te vermijden. De titel van het stuk zegt het al: ‘bestemmingen die gaan verdwijnen’ – we kunnen er niets meer aan doen, want vliegen zullen we, al kost het ons een complete aardbol.

God verhoede dat Shannen het ooit in haar hoofd haalt om naar het Waddengebied te gaan.

Op donderdag 21 juni uitgesproken op Omrop Fryslân Radio, in het Fries. Geschreven naar aanleiding van een bericht op Facebook van Merlijn Twaalfhoven.

Love, Simon

*spoiler alert*

De nieuwe film Love, Simon is een coming of age-drama over de jonge Amerikaanse Simon, dat draait om zijn coming out. Floortje Smit schreef er een lovende recensie over in de Volkskrant en zette in het bijgaande artikel er over dat het lang wachten is geweest op de eerste film over een homotiener van een grote filmstudio. Dat laatste is een belangrijke nuance, want coming of age/ coming out-films zijn er legio gemaakt, maar dus niet door een grote filmmaatschappij. Met een budget van 17 miljoen dollar.

Er is veel over deze film te zeggen, zoals dat het script misschien niet het sterkste punt is van deze film; dat met name in het begin de karakters rechtstreeks uit een instagram story lijken te zijn gelopen; dat je sommigen om alleen die reden al voor hun smoel zou willen stompen; en dat sommige verhaallijnen worden ingeleid, maar niet worden afgemaakt. Zo wordt het zusje van Simon in de eerste scene neergezet als iemand die waanzinnig goed kan koken; informatie waar je verder weinig aan hebt.

Maar de film ontroerde mij. De scenes waarin de vader en de moeder reageren op Simon’s coming out – en dan niet op het zo vaak in beeld gebrachte moment zelf, maar juist de dag er na, of de dag daar weer na – zijn hartverwarmend. Nou heeft Simon ook Arie Boomsma als vader, maar toch. De eindscene – ik zal niet alles spoileren – is op de grens van over the top en ontroerend, maar die greep me toch. Ik zeg het maar gewoon: ik liep hoopvol de bioscoop uit, gelovend in romantiek. Afijn.

Ik ben net als jij
Er is echter één scene die me nu, en dag later, nog helder voor de geest staat. Floortje merkte in de Volkskrant al geheel terecht op hoe belangrijk de eerste zin van deze film is: ‘Ik ben net als jij.’.

De scene waar ik het over heb is wanneer middelbare-schoolleerling Simon soortement droomt van zijn toekomstige leven, als gaystudent, die op zijn kamer een muur vol queer clichés heeft geplakt, die naar buiten loopt, begeleid door Whitney Houstons I Wanna Dance With Somebody.

Het is een fantastische scene. Simon, briljant gespeeld door Nick Robinson, wordt omringd door extatisch dansende jonge mensen met kleren in alle kleuren van de regenboog. Het is extravagant, maar je ziet Simon twijfelend meedoen. Is hij dit? Het is een scene die refereert aan een oneindige reeks gay coming of age drama’s, waarin de hoofdpersoon eindelijk wordt bevrijd van alles wat hem tot dan toe heeft beklemd; de extravagantie kan beginnen, kleuren, glitter, spotlights!

“Maybe not that gay.” zegt Simon als voice over, en de scene stopt.

Dit is voor mij de kern van de film, hoewel het een complexe boodschap is. ‘Net als jij’ kan ook ‘normaal’ suggereren, een term waar homoactivisten allergisch voor zijn, in de betekenis van ‘conformistisch’, en dan dus heteronormatief.

Maar dat is niet wat Simon zegt, als je de rest van de film bekijkt. Simon wil zichzelf zijn. En dat is niet extravagant, flaming of wat dan ook. Het is meer zoals zoveel van zijn leeftijdsgenoten zijn. Als je dat ‘normaal’ noemt en er op neer kijkt, zie je volgens mij iets belangrijks over het hoofd.

Extravagantie
Dit houdt me al een paar jaar bezig. Een van de eerste dingen die ik op mijn blog over de Gay Pride Canal Parade schreef, was niet erg positief. Ik schreef dat ik me er niet in herken, en dat ik niet denk dat extravagantie de homo-emancipatie helpt. Daar ben ik later op terug gekomen: natuurlijk mag dit allemaal bestaan.

Maar de laatste jaren maak ik een derde draai. Ja, het mag allemaal bestaan, maar zit je bij de gay extravagantie (die overigens veel meeromvattend is dan alleen de Canal Parade) niet te kijken naar een psychologisch fenomeen waarvan je je mag afvragen of het voor het individu nu zo goed is. En, met permissie, of dit nastrevenswaardig is voor de jonge homo die nog in de kast zit.

Ik bedoel dat het kan zijn (ik benadruk dat ik speculeer), dat personen die zich jarenlang beklemd hebben gevoeld op gebied van seksualiteit en geaardheid, als coping mechanism kiezen voor extravagantie.

“What doesn’t kill you,
gives you a lot of unhealthy coping mechanisms
and a really dark sense of humor”

 

Ik kan deze gedachte moeilijk onderdrukken wanneer ik drag queens zie. Begrijp me niet verkeerd: iedereen moet lekker doen wat-ie wil, maar het zijn acts. Iemand voelt zich kennelijk beter in een over the top alter ego, doorgaans opgebouwd uit clichés en popcultuurreferenties, dan wanneer we hem of haar zonder de opsmuk zouden zien. Waar heeft dit individu dit voor nodig?

In Love, Simon zit een cliché homo. Een schoolgenoot van Simon is dat cliché, de feminine jongen die een sarcastische levenshouding heeft en commentaar met flijmscherpe afzeikhumor pareert. Deze jongen krijgt het flink te verduren van zijn schoolgenoten. Iets dat in een van de betere scenes van de film pijnlijk duidelijk wordt.

Zelfvertrouwen
Simon is dat alles niet, en ambieert dat ook niet. Niet uit verlegenheid of omdat hij zich onderdrukt voelt; eerder vanuit zelfbewustzijn. Je kan speculeren over of het coming of age-aspect van deze film nou zijn coming out is, of dat juist het (her)vinden van zelfvertrouwen van Simon dat is.

Deze film rekent in dat opzicht ook af met een hoop gay coming of age-films; I Wanna Dance With Somebody is aantrekkelijk en herkenbaar, maar ook uit 1987. Move on.

Kritiek hier op kan zijn: ‘zeg je nou lay low, stel je niet aan, en doe normaal’. Maar dan heb je mij niet goed begrepen, en zal je Love, Simon mijns inziens ook niet goed begrijpen. Met al z’n tekortkomingen heeft deze film een complexere boodschap, die er zeer bewust in is gelegd.

Heeft toch een voordeel, wanneer je bij een grote studio zo’n film kan maken.

Botte & Ype & Paulien en ALLES over de zin van het leven – aflevering 58 van de podcast Eeuw van de Amateur

Wanneer mag je applaudisseren. Jouw podcasthelden buigen zich in deze aflevering over deze en alle andere levensvragen. Het is de hype waard, dat heeft Ype met z’n schoenen aan bedacht. Er werd koffie gedronken, dus het is verlicht, ook al lopen er straks schapen op straat. De chocola doet dan weer niets voor me. Paulien – peterselie – Cornelisse adviseert om met kindness te killen, maar maak het niet te krokant. Ionica en Linda konden zussen zijn. We starten de nieuwe rubriek ‘Canon der Geruststellingen’, maar vooral: wat is dit voor podcast!

Rijkswaterstaat podcast

In 2018 bestaat Rijkswaterstaat 220 jaar. Zo’n lange geschiedenis biedt veel verhalen, ook over het huidige werk en de toekomstplannen van Rijkswaterstaat is veel te vertellen.

Radiomaker Botte Jellema ging op pad om een aantal verhalen te verzamelen. Samen met Rijkswaterstaat maakte hij een kleine serie podcasts, die nu voor iedereen te beluisteren zijn via iTunes, Stitcher en Soundcloud.

Botte & Ype & Linda en ALLES over de grootste handlanger van het patriarchaat – Eeuw van de Amateur podcast aflevering 57

Seks op z’n Duits! Een goed gesprek, met onze gast Linda Duits. Wat leer je van je fouten en kunnen we namen onthouden, of überhaupt mensen herkennen. Meisjes zijn inwisselbaar, zeker als ze Eva of Tessa heten, sorry. De gesel der mensheid. Wat is er met penvrienden gebeurd en komt er een Eeuw van de Amateur-boek? Nu de Eeuw-o-Foon, nog altijd niet bij de nieuwe provider, maar voor we wegfaden luisteren we eerst nog even naar onze vrienden. Podcasttips! Merchandise! Elke interactie is gedoemd te mislukken. Wat kan je doen als je minder werkt, zo vraagt JP van WIE IS DE MOL en JP! Blowen. Of lekker naar een museum. Maar maar maar, zal je zeggen, is dat interessant voor onze vrienden? Luisteren die wel? Hier is aflevering 57, kant A en kant B!

Lonely – vertaalde column voor Omrop Fryslân Radio

Fryslân in The Lonely Planet, op de derde plaats in de top 10 van Europese vakantiebestemmingen. Iets om trots op te zijn. Fryslân, standplaats van de JSF! Fryslân, waar geen enkele Nederlander van kan zeggen welke Waddeneilanden er wel en niet bij horen! Fryslân, waarvan niemand weet hoeveel steden er zijn, behalve dan die anderhalve dag in de winter dat het vriest. Fryslân, met het gigantische toerisme in de zomers, wordt nu ontdekt voor gigantisch toerisme in de zomer. In de winter moet je er niet komen, want dan is er geen hond, waait het zes maanden lang en is alles bruin of grijs.

Maar nu niet. Nu is het er prachtig. Ik ben benieuwd, en surf naar lonelyplanet.com/the-netherlands/friesland. Kom maar op, wat vindt The Lonely Planet het beste dat Fryslân heeft te bieden. De pagina laadt, en ik zie meteen twee opmerkelijke dingen. De grote foto, en de naam van onze provincie, prominent op deze pagina: Friesland.

De provincie heet Fryslân, ook in The Netherlands. Maar goed, niet meteen zeuren. Verder naar die schitterende foto, met een boom op een heideveld. Het zou Appelscha kunnen zijn. Op het randje van Fryslân, maar nog altijd Fryslân.

Ik trek de foto door Google Reversed Photo Search, en de eerste hit met dezelfde foto is de website weekenddesk.nl, onder de kop ‘Kom tot rust in de prachtige natuur van Drenthe.’

Ja, wacht even, Drenthe, prachtig, maar het ging over Fryslân! Meer hits met deze foto: Assen, Coevorden, en zelfs ‘Taiwan China Landscape’. Ze hebben dus geen fotograaf in Fryslân gebeld bij The Lonely Planet. Jammer.

The Lonely Planet gaat verder:  ‘At first, Friesland seems typically Dutch: it’s flat, it’s green and there are plenty of cows (the namesake black-and-white variety).’

Ziet Fryslân er typisch ‘Dutch’ uit? En die zwart-witte koeien zijn niet helemaal naar Fryslân genamesaket. Ze bedoelen waarschijnlijk Fries-Hollands of Holstein-Friesian. Mooi, maar dan moeten we de eer toch delen met de Hollanders en de Duitsers. Bovendien, die koeien die je ziet in de Friese weiden hebben voor het grootste deel Amerikaans bloed. En daar zit ook Fries bloed in, maar het verhaal is wel wat ingewikkelder dan ‘naamgenoot’.

‘But explore a bit and you’ll find its differences. For one, the province has its own language, as you’ll see on road signs.’ Ja! De taal! Leuk dat ze dat er nu uitpikken. Ik ben benieuwd wat er nu komt.

‘Top Experiences’, is het volgende kopje. Als eerste: Leeuwarden. De hoofdstad van Fryslân, al willen Leeuwarders dat niet altijd weten. Die spreken ook geen Fries. Twee: Schiermonnikoog. Ook daar wordt amper Fries gesproken. Drie: Hindeloopen, alweer een plaats waar ze hun eigen taal spreken. Vier: Terschelling… je raadt het al.

Vijf, zes en zeven zijn Ameland, Harlingen en Sneek. Alleen over Harlingen ben ik niet zeker, maar volgens mij wordt in geen van de plaatsen ‘its own langauge’ van ‘the province’ gesproken. Maar goed, we hoeven de bussen ook niet naar Oosterbierum of Dedgum te sturen. Het zal de toeristen ook niet veel uitmaken; de voertaal in alle genoemde plaatsen is al decennia lang Duits.

Dan komen de ‘Top Sights in Friesland’. En daar word ik weer warm van. Het Fries Museum, Princessehof, de Oldehove, Eise Eisinga, het Fries Natuurmuseum… ik woon nu al een tijdje niet meer in Friesland, maar in de tijd dat ik er woonde ben ik van al deze plekken alleen een keer op de Oldehove geweest. En dat was voor Omrop Fryslân, dus uit eigen beweging, nee. Zonde natuurlijk. Ook het wereldberoemde Eise Eisingamuseum heb ik alleen maar bekeken in functie als verslaggever. Ik had toentertijd misschien zelf wel zo’n Lonely Planet kunnen gebruiken.

Hoewel…. de website van The Lonely Planet sluit af met ‘Friesland Activities’. Eerste ‘activity’: ‘Zuiderzeemuseum Enkhuizen including Round-Trip Train Ride from Amsterdam’. That went well…

Maar kom op, het wordt een mooi jaar voor de toeristische sector in Fryslân. Nu hopen op wat mooi weer. En, zoals een vriend van mij deze week zei: “Ik wil nog wel een keer naar Scharnegoutum voordat de Britten het ontdekt hebben.”

Verschenen op 24 mei op Omrop Fryslân Radio in het Fries.