Koeien moeten weg – vertaalde column voor Omrop Fryslân

‘Koeien moeten weg’ – zo opende De Volkskrant op 3 april. De Raad voor de Leefomgeving en Infrastructuur heeft een advies uitgebracht aan minister Carola Schouten van Landbouw, en daar staat in dat de Nederlandse veestapel de komende jaren fors moet krimpen om de klimaatdoelen van ‘Parijs’ te halen. In De Volkskrant stond er een grappig grafiekje bij, met de totale uitstoot van CO2 in Nederland. Zo is te zien dat het aandeel van de landbouw daarin maar een procent of tien is. Tien procent voor ons eten dus.

Om de doelstellingen van ‘Parijs’ te halen moeten we in totaal terug naar in procent of vijf, dus ja, dan is ook die tien teveel. Maar ik vind het grappig omdat er gesteld wordt dat vooral koeien, geiten en schapen, als herkauwers, het klimaat belasten. Want op dezelfde dag haalde ik twee vrienden op van Schiphol, die op vakantie waren geweest naar Mexico. De uitstoot van de vliegreis van die twee: zo’n 3 ton CO2.

Over 32 jaar mag Nederland nog 10 megaton CO2 uitstoten, dus dat betekent dat er in dat jaar negen keer een 747 naar Mexico kan vliegen, en dat is alles wat we in dat jaar kunnen doen in Nederland. Alles.

Maar nee: koeien moeten weg om klimaatdoelen te halen. Minister Schouten noemde het ‘best ingrijpende adviezen ten aanzien van de toekomst van de veehouderij’. No shit, Sherlock.

Dit is de minister die in het najaar van 2017 zei dat er op grote schaal gefraudeerd werd met de registratie van kalfjes. Bijna de helft van de melkveehouders werd er van verdacht, ongekend, en een grote schande, werd er gezegd. En daar ging weer een stuk van het imago dat boeren hebben.

Ik heb het nog eens opgezocht, en op dit moment zijn nog maar 190 bedrijven verdacht in die zaak. Een handjevol, op de zo’n 17 duizend melkveehouderijen in Nederland in totaal.

Het is ook de minister die die week bij ‘de koeiendans’ was – bij een boer in Heiloo werden de koeien het weiland in gelaten, voor het eerst dit jaar. In het Journaal kon je zien hoe de koeien sprongen maakten. Natuurlijk was dat voor de minister reden om te zeggen dat het fijn is om te zien dat de koeien zo blij zijn. Dansen, fijn, blij; het toewijzen van menselijke eigenschappen aan niet-menselijke wezens is antropomorfisme. Typisch iets uit mythen, sprookjes en tekenfilms. Begrijpelijk en schattig, maar het doet geen recht aan de dieren, laat staan dat het getuigt van gezond verstand.

Is dit goed voor het imago van de boer? Misschien. Als het niet zo’n poppenkast was.

De ‘koeiendans’ stond eigenlijk gepland voor 20 maart. Maar toen hadden we de schaatsen nog maar amper weer in het vet. Dus werd het paasmaandag. Honderden mensen kwamen er op af, waarvan de meesten met paraplu. Want het was nat. En koud. Die mensen zagen hoe de koeien een weiland in werden gejaagd, opgeruid door die menigte, dat in no time werd omgeploegd tot een grote modderbende, waar de koeien ook alleen maar springend in vooruit konden komen. Weg was het gras, dat misschien een paar millimeter was gegroeid in de laatste week. Welkom, minister, bij het Weideseizoenfestival 2018.

“Voor de dieren is het fijn, maar het hoort ook wel bij het landschap.”

Het is tegenwoordig normaal dat nieuwe auto’s vermogens hebben van gerust 200 pk. We vliegen met z’n allen de wereld naar de kloten. Wanneer wordt gezegd dat we niet langer op gas kunnen stoken, dan staan de kranten vol met berichten van sippe mensen die net een nieuwe gaskachel hebben aangeschaft. Met vermogen genoeg om een regendouche op gang te houden. En boeren hebben het allemaal gedaan. Met fosfaat, met CO2, met het op stal houden van de dieren. Waar is ons boerenverstand?

We leven in een sprookjeswereld, waarin we twee keer per jaar met het vliegtuig op vakantie gaan, regendouches installeren en gas en benzine verbruiken alsof het niet op kan. Maar de koeien moeten weg, niet omdat we het snappen, maar omdat dit ons niet raakt.

Ik denk dat het belangrijk is dat we de doelstellingen van ‘Parijs’ halen. En natuurlijk kan de landbouw haar CO2-uitstoot verbeteren. Maar wat voor keuze maken we? Waarom gaat het nooit over het feit dat onze landbouw eten produceert?

Wat bij Het Nederlandse Landschap hoort, is gezond verstand. Dat is pas fijn.

– geschreven op 4 april voor Omrop Fryslân Radio

Auteur: Botte Jellema

Botte Jellema (1977) is journalist, presentator, podcast- en documentairemaker. Hij is freelancer en werkt onder andere voor omroepen en programma's op NPO Radio1. Hij heeft een groot hart voor journalistiek, media, communicatie en verhalen.

6 gedachten over “Koeien moeten weg – vertaalde column voor Omrop Fryslân”

  1. Je hebt het zo goed verwoord … maar de minister blijft ziende blind en horende doof….. Marian Thieme heeft nl een heeeeel groot bedrijf …… de vegetarische slager … die moet natuurlijk wel bloeien

    1. De Vegetarische Slager is niet in het bezit van Thieme, al zullen de twee elkaar zeker leuk vinden. Het ‘nl’ in die zin snap ik ook niet, want Schouten is van de CU, een heel andere partij.

  2. Waarom moet het zo vaak ‘of’ ‘of’ zijn en niet ‘en’ ‘en’. We moeten wel degelijk wat doen aan al dat gevlieg, hoewel mensen die leven van het toerisme het daar niet mee eens zullen zijn, maar het kan niet meer zo vaak en zo goedkoop en dan heb ik het nog niet over de herrie en de uitstoot.
    In de 35 jaar dat ik in een klein boerendorp woonde zag ik hoe de boeren nog echt contact hadden met hun beesten. Hoe mijn bejaarde buurman een stukje weiland afrasterde voor een oude koe die niet meer mee kon komen. Toen kwamen de jonge vaak in Wageningen afgestudeerde boeren met honderden koeien die door een robot werden gemolken. Ik herinner me nog de ‘melkplas’ en de ‘boterberg’. Waar het o.a. de Partij voor de Dieren altijd weer om gaat is ‘Hoe’ je met de natuur en de dieren omgaat. En waarom zo verbitterd over de ‘koeiendans’. Misschien zou je het naar buiten gaan afhankelijk kunnen stellen van het weer. Dat gebeurde vroeger ook. De oude boeren die ik nog heb mogen meemaken waren goedmoedig en hadden veel humor en mopperden. Hun vrouwen die net zo hard meewerkten op het bedrijf, zaten op de Plattelandsvrouwen, net als ik.
    Ik verlang nog wel eens naar die mopperende goedmoedige boeren als ik al die verongelijkte mensen op de tv zie.

  3. Mooi geschreven stukje. Helemaal mee eens.
    Het enigste probleem is dus dat de meesten in Nederland de hele agrarische tak steeds meer en meer gaan zien als iets wat leuk staat op een kalender maar er niet echt toe doet, want “het gehakt, de melk, boter en eieren liggen toch gewoon in een supermarkt? Wat heeft een boerderij daar nou mee te maken?”
    Ik ben bang dat de agrarische wereld een achterstand heeft opgelopen t.o.v. alle “dieren partijtjes” welke als enigste doel schijnen te hebben om diezelfde agrarische wereld te laten verdwijnen uit Nederland, want “dat is toch zo goed voor de dieren”.
    Deze achterstand is in mijn ogen niet meer of heel erg moeilijk in te halen, mensen anders laten denken is een langdurig en kostbaar proces, waar veel agrariers niet echt tijd en geld aan durven besteden.
    Branche organisaties als het LTO laten dikke steken vallen imho, daar zou ook eens een knuppel doorheen moeten.
    Tenminste, zo zie ik het, correct me if I’m wrong.

  4. Wat een hoop whataboutism. En de vliegtuigen dan… en de autos dan… en de regendouches dan. Misschien moet je ook de hand in eigen boezem steken. Het geleuter over antropomorfisme komt bijzonder kinderachtig over. Als een hond zijn staart kwispelt is die blij, als een koe springt is die misschien blij… Tikkeltje treurig om in dat kader dan te zielenpieten over het imago van de boer.

    1. Het zou whataboutism zijn als het niet op cijfers gebaseerd was. Verder is dit allemaal wat opzichtige retoriek, B. Efke. Je gaat nergens inhoudelijk op in namelijk.

Reacties zijn gesloten.