van het paard
Fan it hynder. Dat is een Friese uitdrukking. Letterlijk vertaald is het ‘van het paard’, maar dat zal wel geen Nederlands zijn. Het betekent zoveel als ‘van slag’ zijn. Vandaag was ik fan ‘t hynder.
Ik had vanmiddag weer motorrijles. Voor het eerst sinds de eerste les alleen met instructrice L.. Het maatje kwam niet opdagen. Meteen voel ik ook meer druk. Weet ik dat normaal de aandacht van L. voor zo ongeveer de helft van de tijd naar het maatje gaat, nu ging die onverdeeld naar mij.
L. is niet vervelend hoor, in tegendeel. Maar ik ben gewoon wat verlegen van aard. Bovendien is het in mijn hoofd weer druk met werk. En was het vandaag meer dan een week geleden dat ik voor het laatst les had. Dus dan moet ik toch weer even wennen, aan mijn paard.
Ik kreeg ‘m gewoon niet lekker de pionnetjes door. En dat terwijl over twee weken al het pionnetjes-examen gepland staat. Ik slalomde ze om en reed over ze heen bij de krappe bocht. Het bracht L. tot twijfel over het examen.
Na het zoveelste mislukte bochtje zei ze: “Je moet er wat minder bij nadenken”. Ze zegt wel vaker opmerkelijke dingen, zoals: “Het nieuwe rijden, daar doen we niet aan”. Maar ze had wel een punt, met dat nadenken.
Al was het maar omdat ik daarna tijdens de manoeuvres voortdurend dacht ‘niet teveel nadenken’ en het daar zo druk mee had, dat het prompt goed ging.

Maar hoe gaat de uitwijk-oefening? Dié is pas lastig en nuttig. Die pionnen, tsja, ik voelde mij net een circusartiest soms. Speel je wel genoeg met je koppeling?
En een malle vraag: kun je dansen? Dat helpt hierbij.
Eh, nee, ik kan niet dansen. De uitwijk oefening vind ik gaaf, want dat gaat over keihard optrekken en keihard remmen. Dat kan ik wel.
Dan bedoel ik toch een andere uitwijk-oefening: met 50/60 komen aanrijden, dan niét remmen of schakelen, maar puur door gewichtsverplaatsing (dat is het heupwerk, o.a.) je brommer 2 meter hup, naar links en dan, hup weer terug naar rechts in je oude baan, binnen de pionnen. Dat is een lastige danspas, maar nuttig, mocht er een auto of een koe opeens voor je neus opduiken. Vooral ook lastig omdat je niet mág schakelen of remmen. Ik kan wel dansen; een scheutje onbeschaamdheid erbij en jij danst ook; ritme-gevoel heb je.
Oh pardon, ja dat is die andere. Maar die vind ik ook leuk, want ook die gaat lekker snel. Het leverde mij geen problemen op.
Onbeschaamdheid ken ik niet.
Nee, maar wel handig (proberen te) manoevreren. En daarvoor geldt: waar je naar kijkt, daar ga je naartoe. Dus door de bocht kijken en niet in de bocht. En bij slalommetjes: kijk twee bochtjes verder, niet maar drie meter voor je. Dat hebben ze je wel geleerd toch? Werkt als een tiet!
Jaaa klopt, hele goeie truuk is dat!
En niet teveel naar die pionnetjes kijken, want dan rij je er juist tegenaan (is met wielrennen ook zo)…
moet jij om pionnetjes rijden?